donderdag 1 november 2012

Nieuwe, spraakmakende shop-in-shop concepten bieden nieuwe kansen

Al tien jaar roepen we dat de fashionmarkt moet veranderen. Pas in deze crisistijd zien we dat de bereidheid (of lees de noodzaak) tot verandering ook daadwerkelijk gestalte begint te krijgen. In dit blog geef ik drie voorbeelden van fashion retailers met spraakmakende shop-in-shop concepten die nu in voorbereiding zijn en komend voorjaar hun deuren zullen (her)openen.

Voorbeeld 1: Mannenmodeketen Only for Men (8 winkels in Noord Brabant en Gelderland) opent in het voorjaar van 2013 een 1.300 vierkante meter grote winkel in de voormalige exercitieloods van Doesburg (zie foto); de grootste winkel van Only for Men tot nu toe. Een ander concept ook: mannenmodemerken met elk een shop-in-shop. Kenmerkend daarvoor: een nauw samenspel tussen merk en retailer met gedeelde risico's en gedeelde belangen. Streven naar win-win voor beiden. Met de leveranciers zijn afspraken gemaakt om dit project voor beide kanten zo snel mogelijk rendabel te maken. 

Voorbeeld 2: SKM te Aartselaar, de grootste merkenmodezaak van België, is een gerenommeerde kledingwinkel van meer dan 5.000 m2 groot, waar de kleding als vanouds per productcategorie gepreenteerd wordt (jassen bij jassen, broeken bij broeken). Afdeling na afdeling wordt momenteel omgebouwd tot shop-in-shops per merk. Ook hier een combinatie van conseignment en VMI. SKM ondergaat een metamorfose en is vanaf februari 2013 een geheel andere beleveniswereld, waar merken en retailer intensief samenwerken aan een gezamenlijk rendement.

Voorbeeld 3: Brova bouwt enkele Duthler vestigingen om naar HoutBrox, wederom volgens het shop-in-shop principe. Momenteel vinden de gesprekken plaats tussen Brova en merkleveranciers. Wie krijgt welke vierkante meters en tegen welke voorwaarden? Ook hier een combinatie van conseignment en VMI.

Het is een spel van geven en nemen tussen de betreffende retailer en de merken, op zoek naar nieuwe evenwichten in de keten. De vierkante meters worden nu verdeeld. Maar er zijn wel voorwaarden aan verbonden. Eén van die voorwaarden is ketensamenwerking. EDI en gestandaardiseerde EAN-codes zijn daarbij een randvoorwaarde. Pre priced aanlevering per filiaal is een groot voordeel en leidt tot meer snelheid en een hogere efficiency. GS1 Opinie publiceerde afgelopen week een artikel met een soortgelijke trend onder de kop: 'Modesector omarmt verticale model'.

Merken die dit spel al eerder gespeeld hebben (bij Maison de Bonneterie, V&D, Breuninger of de Bijenkorf bijvoorbeeld) hebben een voorsprong. Merken die nog geen EDI hebben ingevoerd realiseren zich niet altijd dat de orders die inmiddels geschreven zijn, via EDI in het systeem van de retailer terecht dienen te komen. Voor de heropening van deze winkels in februari 2013, worden de merken geacht de goederen via EDI aan te melden. Vanaf dan worden de leveranciers per EAN-code via EDI geïnformeerd over de verkopen (aantallen en gerealiseerde opbrengsten) en de voorraden. Zonder EDI is de informatie niet tijdig en/of niet gestructureerd bij de business partner en kan het spel niet effectief gespeeld worden.

Al met al mooi om te zien dat retailers juist in deze roerige tijden innovatief bezig zijn en durven te investeren in een nieuwe winkelconcepten. Het is aan de consument en aan de merken hoe hierop te reageren. Merken verliezen al geruime tijd vierkante meters doordat er steeds meer multibrand retailers wegvallen. Wat hier gebeurt is tegendraads; hier ontstaan juist duizenden nieuw te vergeven vierkante meters. Laat deze kansen niet aan je voorbij gaan als merk en zorg er derhalve voor dat je de randvoorwaarden tijdig in kan vullen.

PS 1: Mijn vorige blogs gaan over Conseignment en VMI in fashion.
PS 2: FashionUnited Indicia BV faciliteert EDI verkeer met elk van de genoemde retailers.